Ondernemerslessen van

Abel Slippens

Ondernemen: denken, durven, doen & doorzetten

Lees mijn blogs over

Ondernemen

Fouten zijn het bewijs dat je het in ieder geval probeert

Leidinggeven

Probeer eerst te begrijpen, dan begrepen te worden

Groeistrategie

Wie niet kan delen kan ook niet vermenigvuldigen

Alle blogs

Bekijk het overzicht van thema’s

Abel Slippens

BLOG WEBSITE
Leer van de ondernemerslessen van
Abel Slippens.

Waarderen iemand niet alleen om de prestatie. Ook om alles wat ze hebben gedaan om tot die prestatie te komen. Als iemand alles geeft wat hij in zich heeft, moet je tevreden zijn.

ONDERNEMERS QUOTE VAN DE DAG

19 mei 2026

Ondernemers quote

19 mei 2026

Waarderen iemand niet alleen om de prestatie. Ook om alles wat ze hebben gedaan om tot die prestatie te komen. Als iemand alles geeft wat hij in zich heeft, moet je tevreden zijn.

Populairste blogs

Talent, geluk en wat levenslessen van een ondernemer

Ondernemen is een mix van talent, geluk, ervaring opdoen, levenslessen krijgen en jezelf beter leren kennen.

In het boek ‘Ons feilbare denken’ van Daniel Kahneman (Nobelprijswinnaar) ISBN 978-90-470-0060-0, overigens verrekte lastig te lezen maar wel interessant, las ik dat de favoriete formule van de schrijver is:



Ik leef al jaren met de gedachte:



Dat heb ik zelf tenminste zo ervaren.

Wat ik ook een aardige formule vind is ‘Succes = Strategy x Excecution x Luck‘. Hierbij wil ik opmerken dat bad luck niet bestaat, luck is voor mij opportunity.

Jaap Bertens schrijft op zijn laatste blog (verzameling spreuken XXXIII):



Mijndert Pon, een zeer stevige succesvolle ondernemer uit de vorige eeuw antwoordde ooit toen er tegen hem gezegd werd; “Je hebt ook veel geluk gehad in je zakelijke leven.” “Ja, maar je moet het wel pakken. Het komt bij iedereen voorbij.”

Of zoals Napoleon zei toen een zeer jonge, zeer veelbelovende officier werd aangeprezen: “Mooi, maar heeft hij ook geluk?”



Macht speelt geen enkele rol in mijn gelukservaring. Daar houd ik me niet mee bezig. Wel heb ik een aangeboren ongeschiktheid voor ondergeschiktheid. Er is één eindverantwoordelijke. Je kunt dingen bespreken en daarover zullen niet alle meningen altijd hetzelfde zijn en dan moet er iemand een besluit nemen; dat is de CEO.

Je runt een bedrijf niet als een democratie. Je luistert naar elkaars meningen (slimmer word je als je luistert, niet als je praat), begrijpt elkaars perspectieven en dan neem je een besluit. Ik vind dan ook, zoals ik dat al op een eerdere blog aangaf, dat iedere onderneming een democratie moet zijn met een dictator aan het hoofd: de ondernemer. Ik heb heel veel respect voor eerlijke analyses, maar ik hou helemaal niet van slappe praat over draagvlak of haalbaarheid. Ik ben geen allesweter. Er zijn regelmatig discussies waarin mensen met argumenten komen die ik aanneem, maar het poldermodel past niet bij een onderneming. Succes is alleen mogelijk als iedereen de gekozen richting volgt. Het maakt niet zo veel uit welke richting je precies gaat, want aan iedere beslissing kleven voor- en nadelen. Ik hou dus niet …

Beslissen

Om een bepaalde visie, tactiek, strategie of gevoel helder en begrijpelijk neer te zetten, heb ik mezelf aangeleerd om er een gezegde bij te zoeken of te (her)schrijven. De zogenoemde oneliners. Een makkelijke, duidelijke manier van communiceren vind ik.

“Denken durven, doen en doorzetten” is er één van. “Trekken, vullen, binden”, ook zo eentje. Het wat bijbelse “Wie de eerste steen werpt kan ’m terug verwachten” vind ik zelf ook wel een geslaagde. “Leidinggeven is niets anders dan verantwoordelijk zijn voor de fouten van een ander” maakt vaak veel indruk op jonge leidinggevenden in opleiding.

Spreuk van mijn vader
Zelf werd ik dik 50 jaar geleden door mijn vader gewezen op een bepaalde houding die me tot vandaag een duidelijke visie geeft, op wat in mijn ogen nu één van de grootste kwaliteitsproblemen bij jonge managers is. Deze oneliner, vroeger spreuk geheten, toen van mijn vader geleerd en nog steeds door mij gehanteerd, luidt:



Haarfijn wordt hiermee aangegeven wat het grootste probleem van het huidige managementpotentieel is: besluiteloosheid. Overal wil je management over meepraten, het poldermodel ten top. Is men door omstandigheden ergens niet over gehoord, dan werkt dat tegenwoordig zelfs demotiverend en ben je als baas een dictator, solist of noem maar op. Maar zelf echt beslissen? Ho maar!
Ja, ik weet het, er zijn drie soorten mensen: zij die dingen dóen gebeuren, zij die de dingen zíen gebeuren en zij die zich afvragen wát er nu eigenlijk gebeurt. Maar goede managers zijn altijd mensen die de dingen dóen gebeuren.

Goede managers zijn altijd mensen die de dingen dóen gebeuren.


Overleg is goed, noodzakelijk zelfs. Maar zelf een beslissing nemen, jezelf eindverantwoordelijk maken voor de definitieve keuze en dat niet aan je baas overlaten om dan maar ingedekt te zijn, is veel beter.

Beslissingen zijn er om te nemen, want het grootste risico in het zakenleven is niets te beslissen. Mensen die niets beslissen lijden dan wel niet en zij hebben geen zorgen. Maar ze maken niet mee hoe het voelt om dingen te veranderen, te laten groeien en echt te ondernemen.

Beslissen doe je ook nog een beetje …

Hard werken!

In een normale week zitten in Nederland zeven dagen, in een dag 24 uur. Dit geeft 168 uren. Uren die besteed moeten worden aan leven. Leven bestaat uit slapen, eten en drinken, uit gezin, uit werken om aan de kost te komen en uit sport, spel en andere vormen van ontspanning. Een uurtje of vijftig slaap per week is toch wel iets wat de gemiddelde mens nodig heeft. Ik geloof niet dat ondernemers ten aanzien van dit punt niet tot de gemiddelde mensen zouden behoren. Blijven dus ongeveer 118 uren over om bij bewustzijn te leven.

Hoe je je tijd indeelt, daar is in principe ieder mens vrij in. Met uitzondering van het feit dat je natuurlijk je verplichtingen en je verantwoordelijkheden hebt naar je omgeving.
Het moge duidelijk zijn dat het leiden van een onderneming meer tijd kost dan de gemiddelde 36 uren die per week door een ‘normaal’ mens aan werken besteed worden. Ondernemers wordt vaak verweten dat ze te hard werken. Te ‘hard’ heeft zelden of nooit iets te maken met fysieke inzet, maar heeft natuurlijk vooral te maken met de hoeveelheid uren die er gedraaid (moeten) worden. Hard werken lijkt tegenwoordig besmetter te zijn dan de hele avond voor de buis liggen of uren op de golfbaan wandelen, nachten in de kroeg hangen, voor de derde keer op wintersport gaan of lekker ‘chillen’. Raar.

Ondernemen is leven
Wat is té veel of té hard? Alles is te veel als je het niet met plezier doet. In werk kun je veel ontwikkeling en uitdaging vinden. Het leiden van een onderneming veroorzaakt ook dat je sociale leven en je arbeidzame leven heel vaak in elkaar over lopen. Het is mijns inziens ook niet de discussie tussen: je werkt om te leven of je leeft om te werken. Ondernemen ís leven!

Ondernemen is ook risico nemen. Het grootste risico in het ondernemen, in het zakenleven, is niets te riskeren. Mensen die niets riskeren lijden dan wel niet en hebben geen zorgen, maar ze maken niet mee hoe het voelt om te veranderen, te groeien, te ondernemen en dus fantastisch …

Meest recente blog

Je moet durven onaardig te zijn

De meeste ondernemers en managers proberen onder alle omstandigheden de sfeer en relatie met hun medewerkers goed te houden. Prima zaak uiteraard. Maar dat dat niet altijd kan en dat dit regelmatig helaas gepaard gaat met “zachte heelmeesters maken stinkende wonden” hoef je ze eigenlijk niet uit te leggen, dat herkennen ze allemaal, maar toch…

Als je er als werkgever/leidinggevende constant probeert achter te komen waar binnen je bedrijf je mensen op de beste plek zitten, wat ze willen, wat ze dwars zit, wat ze nodig hebben en daar naar handelt, dan komt er naar mijn mening, een keer een eind aan je bereidheid om met de volgende wind en de volgende vraag mee te gaan. “Is de medewerker er voor het bedrijf of is het bedrijf er voor de medewerker?”


Zijn we als ondernemers niet inmiddels de sociale werkplaats van de hele Nederlandse samenleving geworden? De echte ellende is ooit ontstaan toen we van een natie van noeste harde werkers gegroeid zijn tot een natie met verworven werknemersrechten. Het mooie van de huidige crisis (ieder nadeel heb zijn voordeel) is nu natuurlijk, dat we toch wel zien dat iedereen graag wil blijven werken c.q. als laatste ontslagen wil worden. Het arbeidsethos wordt onder druk van de huidige economische ellende fors opgepoetst. Maak daar gebruik van.

Gedrag en ontwikkeling
We zijn een eeuw geleden begonnen met knechten, dat werden arbeiders, toen werknemers, vervolgens medewerkers en tegenwoordig samenwerkers. Ik wil daar nog een ontwikkeling aan toevoegen: leveranciers. Je samenwerkers ontwikkelen zich tot leveranciers van arbeid. Fysieke of geestelijke arbeid. Als je je als ondernemer wat meer naar je samenwerkers toe gedraagt, zoals je dat richting je leveranciers doet, dan is dat vaak véééél duidelijker.

’s Avonds thuiskomen met het gevoel dat Henk, Marc, Sjanet, Theo of Charlotte, de dingen toch weer niet zo gedaan hebben als jezelf wilde, we kennen het allemaal. Ergernis, spanningen in je huwelijk (iemand moet immers de ellende en de ergernis opvangen), maagzweer, slecht slapen, humeurig, geprikkeld, stress. We herkennen het allemaal maar toch… “Wil je de populariteitsprijs winnen op je werk óf thuis?”,vraag ik …

Meest recente blog

Je moet durven onaardig te zijn

De meeste ondernemers en managers proberen onder alle omstandigheden de sfeer en relatie met hun medewerkers goed te houden. Prima zaak uiteraard. Maar dat dat niet altijd kan en dat dit regelmatig helaas gepaard gaat met “zachte heelmeesters maken stinkende wonden” hoef je ze eigenlijk niet uit te leggen, dat herkennen ze allemaal, maar toch…

Als je er als werkgever/leidinggevende constant probeert achter te komen waar binnen je bedrijf je mensen op de beste plek zitten, wat ze willen, wat ze dwars zit, wat ze nodig hebben en daar naar handelt, dan komt er naar mijn mening, een keer een eind aan je bereidheid om met de volgende wind en de volgende vraag mee te gaan. “Is de medewerker er voor het bedrijf of is het bedrijf er voor de medewerker?”


Zijn we als ondernemers niet inmiddels de sociale werkplaats van de hele Nederlandse samenleving geworden? De echte ellende is ooit ontstaan toen we van een natie van noeste harde werkers gegroeid zijn tot een natie met verworven werknemersrechten. Het mooie van de huidige crisis (ieder nadeel heb zijn voordeel) is nu natuurlijk, dat we toch wel zien dat iedereen graag wil blijven werken c.q. als laatste ontslagen wil worden. Het arbeidsethos wordt onder druk van de huidige economische ellende fors opgepoetst. Maak daar gebruik van.

Gedrag en ontwikkeling
We zijn een eeuw geleden begonnen met knechten, dat werden arbeiders, toen werknemers, vervolgens medewerkers en tegenwoordig samenwerkers. Ik wil daar nog een ontwikkeling aan toevoegen: leveranciers. Je samenwerkers ontwikkelen zich tot leveranciers van arbeid. Fysieke of geestelijke arbeid. Als je je als ondernemer wat meer naar je samenwerkers toe gedraagt, zoals je dat richting je leveranciers doet, dan is dat vaak véééél duidelijker.

’s Avonds thuiskomen met het gevoel dat Henk, Marc, Sjanet, Theo of Charlotte, de dingen toch weer niet zo gedaan hebben als jezelf wilde, we kennen het allemaal. Ergernis, spanningen in je huwelijk (iemand moet immers de ellende en de ergernis opvangen), maagzweer, slecht slapen, humeurig, geprikkeld, stress. We herkennen het allemaal maar toch… “Wil je de populariteitsprijs winnen op je werk óf thuis?”,vraag ik …

‘Er zijn vast meer mensen die mijn gezonde ontbijt met bloemkoolpuree lusten, dacht ik’

Ik las in het financieel dagblad het onderstaand artikel

Een pak roze koeken vult niet, maar maakt wel dik, weet gezondheids­wetenschapper Berend Eberson uit eigen ervaring. Daarom maakt hij met Grünten gezondere snacks, zoals bananenbrood met courgette en pastinaak. ‘Toen ik begon, wist ik niks van ondernemen.’

Als puber was Berend Eberson (30) te dik. Zijn zak- en kleedgeld ­besteedde hij aan koeken, toetjes en chocola. Als het maar zoet en goedkoop was. Een supermarkt was onder schooltijd nooit ver weg.

Hij is veertien en voor zijn gevoel is iedereen om hem heen bezig met ‘coole dingen’, behalve hij. Met elke hap probeert Eberson even niet te voelen, zichzelf even niet met anderen te vergelijken. ‘Eten was een zacht dekentje over al die gedachten.’

In grote, wijde kleding verstopt hij zich. Maar hoe wijd de kleding ook is, zijn lichaam zit niet lekker. Als in de zomer de Amsterdamse parken en kaden zich ­vullen met halfnaakte mensen, houdt hij zijn T-shirt aan. Hoe warm het ook is.

Eberson wisselt drie keer van school. ‘Ik werd niet gepest, maar ik voelde altijd de druk er op een bepaalde manier uit te zien, dat ik moest meedoen aan een spel.’ Pas in zijn examenjaar zit hij op zijn plek. Want: op het Ivko, in Amsterdam, kon je jezelf zijn. ‘Iedereen was daar bisek­sueel, tenzij het tegendeel was bewezen.’

Drie weken na zijn eerste dag op het Ivko komt hij uit de kast. Dat jaar koopt hij zijn nieuwe lievelingsjas: een tweedehands bontjas. Een grote, wijde jas, maar vooral: opvallend. Kleding is niet langer bedoeld om in te verdwijnen.

Een pot bloemkoolpuree
Zo’n 30 kilo lichter studeert Eberson gezondheidswetenschappen aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Daar leert hij dat het gros van de Nederlanders niet aan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid ­groente komt. Zelf lepelt Eberson elke dag een pot eigengemaakte bloemkoolpuree met appel, yoghurt en kaneel leeg in de collegebanken. Bloemkoolappeltaart­ontbijt, noemt hij het. Het is zoet, het vult en het is groente.

 ‘Ik wist nog niks over ondernemen en hij schoot honderdduizend gaten in mijn ondernemersplan.’

Met ondernemen is Eberson dan nog …

Populairste blogs

Update bij een nieuwe blog ontvangen?